Leven met een cabrio (is zoveel leuker)

Cabriorijders voelen zich gelukkiger dan bestuurders die in een dichte auto rijden, blijkt uit een onderzoek uit 2012 van opinie-expert Maurice de Hond in opdracht van Volkswagen. “Ze staan over het algemeen positiever in het leven, hetgeen niet alleen tot uiting komt in de keuze van het type auto,” zei de opinie-goeroe er destijds over. Een klassiek kip-en-het-ei verhaal dus. Het is aannemelijk dat cabriorijders een cabrio aanschaffen omdat ze er ook wat betreft mobiliteit een feestje van willen maken. Maar het omgekeerde is óók waar, blijkt uit onze gesprekken met een aantal cabriorijders: open rijden voegt echt wat toe aan je reis van A naar B. Of je er nu op zondagochtend op uitgaat, of gewoon naar huis rijdt vanuit je werk.

‘Je hoort meer, ziet meer, ruikt meer’

Peter rijdt al in cabrio’s sinds het begin van de jaren zeventig. “In de tijd dat cabrio’s nog echt voor in de vrije tijd werd gemaakt. Maar ik reed er gewoon mee van Amsterdam naar Groningen. Dat was overigens een andere reis dan tegenwoordig; je reed toen maximaal 90 kilometer per uur over de snelweg en bij Zwolle moest je over een brug waar je maar met een auto tegelijk overheen kon. Mijn allereerste cabrio was een Morris Minor uit een 1969, een auto die ik overigens nog steeds heb. Mijn vrouw en ik zijn er voor ons trouwen nog eens mee op vakantie geweest naar Italië. Het leuke aan een cabriolet is dat je vakantie al in Nederland begint op het moment dat je de kap open doet. Je ziet veel meer van je omgeving, ruikt meer, hoort meer.” Daar zijn overigens ook risico’s aan verbonden weet Peter uit ervaring: “we zijn wel eens onder een zwerm spreeuwen door gereden, daarna hebben we het interieur bij een benzinepomp even moeten reinigen.” Het rijden zonder dak zit de familie kennelijk in de genen, want ook zijn zoon heeft nu een cabriolet. “Maar ik vraag me af hoe lang nog, ze verwachten inmiddels hun tweede kindje en de bagageruimte is beperkt.”

‘Tien keer uit eten gevraagd’

Ook Corine heeft twee jonge kinderen, maar dat weerhoudt haar er niet van gewoon cabrio te blijven rijden. Zodra ze iets nieuws heeft uitgezocht dan, want wat haar op dit moment wél tegenhoudt open te rijden is de autodief die er met haar Peugeot 308 CC vandoor ging. “Je kunt veel over die crimineel zeggen, maar hij heeft wel smaak.” Ze kan het inmiddels een beetje relativeren, maar het gemis aan haar mobiele compagnon voelt ze nog iedere dag: “Ik heb zoveel mooie dingen meegemaakt. Ben op z’n minst tien keer uit eten gevraagd bij het stoplicht en ook als mijn hond op de bijrijdersstoel zat, mét bril tegen de rijwind, kreeg ik altijd veel leuke reacties. Eén keer nam ik een vrouw van middelbare leeftijd mee die zomaar ergens stond te liften. ‘Is dit nou een cabrio?’ sprak ze hoopvol toen ik haar uitnodigde mee te rijden. Uiteraard heb ik haar het plezier niet ontnomen en meteen de kap open gedaan. Niet lang daarna begon ze me haar hele levensverhaal te vertellen. Leuk hoor, maar na een tijdje heb ik toch even flink gas gegeven om daar een einde aan te maken."

‘Die hagelstenen kwamen keihard aan’

Lammert is een Saab 900 cabriorijder in hart en nieren. “Maar dan wel de classic,” voegt hij eraan toe. “Vanaf 1994 zijn de 900’s gemaakt door General Motors. Ook veranderde het kenmerkende uiterlijk van de 900. Ik rij het hele jaar door met de kap open, het voordeel van de goede kachel van de Saab; het designteam heeft indertijd een auto ontwikkeld die je tijdens de Zweedse lente al open kunt rijden. Toch kunnen de weersomstandigheden uitdagend zijn in Nederland; bijvoorbeeld als het plotseling gaat regenen. Tijdens kleine buitjes rij ik gewoon door, als je maar hard genoeg gaat, waaien de druppels gewoon over je heen. Een paar weken geleden schatte ik het overigens even verkeerd in. Ik reed op de snelweg toen het plotseling begon te regenen. Ach, hoe erg kan het worden begin mei, dacht ik nog. Maar de regendruppels werden steeds groter en kwamen steeds harder aan. Toen er eindelijk een benzinestation opdoemde waar ik kon stoppen, lag de auto vol hagel. Ik was blij dat ik een pet op had, want die hagelstenen kwamen keihard aan. Aan de andere kant: op dat soort momenten voel je wel dat je leeft!”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Protected by WP Anti Spam